INVESTIGATIONS & INTELLIGENCE

"All I Have Is a Voice to undo the folded lie" (W H. Auden)

Leningen & Good Governance

VRAAGSTUK: Hoe verder met de Financiële instellingen?

(Tekst behorende bij een lezing van de Kennis Kring organisatie in Suriname).

 Presentatie

Om deze vraag te beantwoorden, zeg je eigenlijk dat je wilt weten hoe en op welke wijze succes kan worden bereikt?

Deze vraag kan als volgt worden beantwoord:

De randvoorwaarde:

SUCCES LENINGENPROGRAMMA IS PRIMAIR AFHANKELIJK VAN HET BEGROTINGSBELEID VAN DE REGERING

En natuurlijk van het monetaire beleid van de Centrale Bank, maar vandaag zal ik op dat aspect niet nader ingaan.

Als men de genoemde randvoorwaarde als uitgangspunt neemt dan kunnen we eigenlijk de volgende vraag stellen:

                            

GEVOLG: WELK BELEID MOET DOOR DE REGERING WORDEN OPGESTELD EN WORDEN UITGEVOERD?

Deze vraag stellen, betekent dat je eigenlijk een norm moet vinden, welk norm is daarvoor aangewezen? Welke concrete normen in dit geval te hanteren:

TOE TE PASSEN BEOORDELINGSNORM:

FUNDAMENTEN VAN EN DE GELOOFWAARDIGHEID VAN DE BELEIDSUITVOERING IS ESSENTIEEL!

VRAAGSTUK WORDT DAN:

ZIJN DE FUNDAMENTEN VAN EN DE GELOOFWAARDIGHEID VAN HET BELEID STERK EN ZAL HET DUS LEIDEN TOT PRIJSSTABILITEIT EN ECONOMISCH HERSTEL c.q. ONTWIKKELING ZODAT DE VEREISTE VERDIENCAPACITEIT ONTSTAAT EN ALLE LENINGEN MET RENTE KUNNEN WORDEN BETAALD?

HET GAAT DUS OM:

1. FUNDAMENTEEL BELEIDSVOORNEMENS

EN

2. GELOOFWAARDIGHEID VAN HET BELEID

WELK BELEIDSVOORNEMENS TE HEBBEN EN UIT TE VOEREN?

Beleidsvoornemens moeten de werkelijke oorzaken van de ontstane instabiliteit van de prijzen aanpakken en er moet beleid worden ontwikkeld om niet alleen economische groei maar ook economische ontwikkeling te realiseren

OORZAKEN VOLGENS DE REGERING & HET IMF

1. EXPANSIEVE OVERHEIDSUITGAVEN / TE HOGE SUBSIDIES

2. OVERHEIDSINKOMSTEN TE LAAG

VOORGESTANE BELEIDSVOORNEMENS VAN DE REGERING:

1. VERMINDERING / AFSCHAFFING SUBSIDIES

2. BELASTINGINVORDERINGSMAATREGELEN

3. VERHOGING BELASTINGEN

4. HOPEN OP EXTRA STAATSINKOMSTEN DANKZIJ:

          A. EXTRA DIVIDEND EN ROYALTIES VAN SURGOLD PARTICIPATIE

          B. HOGERE DIVIDEND VAN STAATSOLIE / GOUDMIJNPARTICIPATIES

               DANKZIJ HOGERE OLIE- EN GOUDPRIJZEN

5. FINANCIELE BIJSTAND SOCIAAL ZWAKKEREN

ZIJN DE BELEIDSVOORNEMENS FUNDAMENTEEL EN ZAL HET HET SURINAAMS PROBLEEM OPLOSSEN?

ANTWOORD: NEE

WAAROM NIET?

1. DAT DE REGERING HOGE SUBSIDIES VERSTREKT IS NIET WAAR

WAAROM DRAAI JE DOORGEVOERDE VERHOGING VAN EBS-TARIEVEN TERUG?

ZIJN DE TARIEVEN TE HOOG GESTELD OF WAS ER EIGENLIJK GEEN SPRAKE VAN SUBSIDIËRING?

ANALYSE EDWARD NEUS: EBS KOSTPRIJS IS SUBSTANTIEEL LAGER DAN DE REGERING EN DE EBS AAN HET VOLK VOORHOUDEN!

BOVENDIEN: GEEN OBJECTIEVE RAPPORTEN VAN EBS BESCHIKBAAR.

          Waarom worden deze rapporten verzwegen?

Waarom niet het volk overtuigen van de noodzaak van verhoging van de tarieven vanwege werkelijke verlieslatende exploitatie bij EBS en dus de rechtvaardiging dat subsidies werd verstrekt en dus de noodzaak is ontstaan tot afschaffing van de subsidies vanwege de - vermeende - deplorabele staat van de overheidsfinanciën

2. BELEIDSVOORNEMENS ZIJN NIET FUNDAMENTEEL OMDAT HET NIET DE FUNDAMENTELE OORZAKEN VAN DE ECONOMISCHE RECESSIE EN VAN DE VERMEENDE OVERHEIDSTEKORTEN AANPAKT!

REGERING EN HET IMF GAAN UIT VAN ENKELE MYTHEN:

1. EERSTE MYTHE:

HET VOLK HEEFT VOLDOENDE KAPITAAL DUS SCHAF SUBSIDIES AF EN VERHOOG ENERGIETARIEVEN EN VERHOOG DE BELASTINGINKOMSTEN

2. TWEEDE MYTHE:

DE OVERHEIDSADMINISTRATIE IS ZUIVER, DUS ALLE SUBSIDIES ZIJN WERKELIJKE SUBSIDIE UITGAVEN EN OVERIGE UITGAVEN ZIJN WERKELIJKE KOSTENUITGAVEN

WAAROM IS SPRAKE VAN MYTHEN?

ER IS DAADWERKELIJK EEN GROTE MAATSCHAPPELIJKE GELDHOEVEELHEID, NAMELIJK VEEL SRD’S DANKZIJ CORRUPTIEVE OVERHEIDSHANDELINGEN EN BELASTINGONTDUIKINGEN IN SAMENHANG MET EEN ENORME INKOMENSONGELIJKHEID

OVERHEIDSUITGAVEN ZIJN GEEN WERKELIJKE UITGAVEN

OVERHEIDSINKOMSTEN WORDEN VERZWEGEN

DUS: ER IS SPRAKE VAN KAPITAALONTTREKKINGEN

1. CORRUPTIEVE UITGAVEN

2. VERZWEGEN STAATSINKOMSTEN

3. BELASTINGONTDUIKINGEN

DIT VLUCHTKAPITAAL VEROORZAAKT EEN EXCESSIEVE VRAAG NAAR VREEMDE VALUTA

GEVOLG: OVERAANBOD SRD’S EN BEPERKT/AFNEMEND AANBOD VREEMDE VALUTA LEIDT TOT DEPRECIATIE VAN DE SRD

                                                      

DE MYTHE BESTAAT ALDUS HIERUIT DAT HET VOLK NIET HET GELD IN HANDEN HEEFT, MAAR DAT HET GELD IN HANDEN IS VAN EEN ZEER KLEIN DEEL VAN HET VOLK (SCHATTING: NIET MEER DAN 2500 MENSEN)

DUS ALLE MAATREGELEN GERICHT OP VERHOGING VAN CONSUMENTENPRIJZEN GAAN UIT VAN DE MYTHEN EN DUS ZULLEN ALLE BETREFFENDE MAATREGELEN GEEN OPLOSSING REALISEREN.

ANDERS GESTELD: DE WERKELIJKE FUNDAMENTELE OORZAKEN ZIJN NIET ALS PROBLEEM VASTGESTELD EN DUS KAN MEN NIET SPREKEN VAN DE AANWEZIGHEID VAN DE FORMULERING VAN FUNDAMENTELE BELEIDSVOORNEMENS.

DE BELEIDSVOORNEMENS ZIJN VALSELIJK VAN AARD EN DUS GEEN ECONOMISCHE VOORSPOED TE REALISEREN

DAAROM DAN OOK: IN SURINAME IS MEN NOG NIET IN STAAT HET MEEST FUNDAMENTELE PROBLEEM AAN TE PAKKEN

NAMELIJK: HET GEBREKKIG ONTWIKKELD GEWETEN VAN HET VRIJWEL GEHELE OPENBAAR BESTUUR, VOORNAMELIJK IN DE UITVOERENDE EN CONTROLERENDE MACHTEN VAN DE TRIAS POLITICA

2. DE GELOOFWAARDIGHEID ALS NORM

A. De geloofwaardigheid van het instituut: De Overheid

B. De geloofwaardigheid van het beleid

C. De geloofwaardigheid van de regeringsleider

In Suriname heeft anno 2016 te gelden: een aparte bespreking per dimensie is niet zinvol omdat feitelijk sprake is van een parlementaire dictatuur

Enkele kanttekeningen met betrekking tot het geloofwaardigheidsoordeel

1. De Regering veroorzaakt dat de uitvoerende en controlerende macht niet effectief en niet efficiënt functioneert

2. De regering - in het bijzonder het Ministerie van Financiën - heeft tot op heden geen verantwoordingsrapporten opgesteld en dus hebben nimmer beleidsevaluaties plaatsgevonden

3. De vaststelling dat beleidsvoornemens tot uitvoering heeft geleid vindt nooit onafhankelijk plaats. De Rekenkamer behoort grondwettelijk haar controlerende functie te vervullen. Tot op heden heeft de Rekenkamer nooit een rapport uitgebracht dat conform haar grondwettelijke taak is uitgevoerd

4. De regering kan dan ook niet aantonen wat de maatschappelijke effecten van gevoerd beleid is geweest

5. Het parlement verzaakt haar controlerende functie uit te voeren door van het Ministerie van Financiën niet te verlangen dat er verantwoordingsrapporten worden opgesteld

CONCLUSIE: VOORGENOMEN MAATREGELEN ZIJN NIET FUNDAMENTEEL VAN AARD!

OPLOSSING VAN DE ECONOMISCHE ACHTERUITGANG ZAL MET DE HUIDIGE REGERINGSMAATREGELEN ZOALS IS VERVAT IN HET STABILISATIE- EN HERSTELPLAN EN IN HET VERLENGDE HIERVAN DE INVESTERINGSVOORSTELLEN TER FINANCIERING MET DE VOORGEHOUDEN EXTERNE LENINGENPROGRAMMA, NIET PLAATSVINDEN.

DUS GEEN PRIJSSTABILISATIE EN ZEER ZEKER GEEN ECONOMISCHE GROEI LAAT STAAN ECONOMISCHE ONTWIKKELING.

AANVULLENDE OPERMERKINGEN:

1. TOENAME LENING IS TOENAME SCHULDENQUOTE

         

RISICO VAN FINANCIELE CRISIS GEGEVEN ECONOMISCHE

RECESSIE

2. BELEID REGERING MET INSTEMMING IMF ZAL CONTRAPRODUKTIEF

   BLIJKEN TE ZIJN

          Maatregelen S&H-plan leiden tot toenemende inflatie in samenhang

         met voortgaande depreciatie van de SRD.

          Wat raakt ontwikkeld?

          Een economische omgeving van lage lonen.

          Gevolg: werknemers van Surgold & Rosebel zullen terughoudend zijn

met looneisen. Gevolg: multinationals verdienen extra rendement uit

hun mijnoperaties!

          ”Suriname verarmt en de blanken gaan erop vooruit”

          Consequentie van IMF of gevolg van de stupiditeit van de regering en

haar geweldige adviseurs (OOBO’s) bij het Kabinet?

Wie staat dit allemaal toe?

3. HOOFDKENMERK REGERINGSLEIDER: ALLEEN MAAR LUCHTKASTELEN

REALISEERT NOOIT VERKONDIGDE PLANNEN DIE ECONOMISCHE ONTWIKKELING ZOUDEN KUNNEN REALISEREN

4. IMF: ”GEEN UITBETALING TWEEDE TRANCHE, EERST ZIEN OF DE

   REGERING DE AFGESPROKEN MAATREGELEN UITVOERT”!

          Waarom wordt dit standpunt van het IMF in Sme verzwegen?

          (Zie verklaring IMF van 19 augustus 2016, eerste Statement na

         review eerste kwartaal van beleidsuitvoering)